Home - Geschiedenis KVGN

Wachtwoord vergeten

De eerste ontwikkeling van de gasvoorziening in Nederland had plaats in de periode 1825 tot 1850, waarin door verschillende grote gemeenten aan particuliere ondernemingen concessie voor de oprichting en exploitatie van een gasfabriek werd verleend. Gas werd toen nog in gasfabrieken geproduceerd uit steenkool. Het geproduceerde gas werd in gigantische cilindervormige tanks opgeslagen.

De eerste gasfabriek

De eerste gasfabriek in Nederland werd in 1825 opgericht in Amsterdam. Na de eerste concessie-duur (rond 1850) leek het risico verbonden aan de exploitatie van een gasbedrijf voorbij en werd het voor de gemeenten aantrekkelijk om dit zelf in eigen hand te nemen, waarbij uiteraard de te behalen winsten niet onwelkom waren. In 1848 werd in Leiden de eerste “stedelijke gasfabriek” opgericht. Dit voorbeeld vond spoedig navolging en in 1854 werd in Groningen het stedelijk gasbedrijf opgericht op  een onbebouwd stuk land achter het Boterdiep en nabij de stadswal. De eerste taak voor het gasbedrijf van Groningen vormde de straatlantaarns, maar al in 1856 werd ook het stadhuis met gas verlicht. Spoedig kwamen er ook in de particuliere huizen gasleidingen te liggen, waarmee in huis gasverlichting mogelijk was. De Groningse Gasfabriek bleef, met allerlei verbeteringen en uitbreidingen werkzaam tot 1962.

De vereniging

In 1873 verenigden een aantal directeuren van gemeentelijke gasfabrieken zich in de “Vereniging van Gasfabrikanten in Nederland” (VGN). In 1907 waren er inmiddels 131 gasbedrijven waarvan 108 gemeentelijke.  Bij het Honderdjarige bestaan van de VGN ontving de vereniging het predicaat Koninklijk. In 2016 is de KVGN uitgegroeid tot een organisatie die een verbindende functie vervult tussen de bedrijven uit de gassector met als doel een positieve bijdrage te leveren aan de energietransitie.